H.-Hartziekenhuis Roeselare - Thoracale en Vasculaire Heelkunde

Home | Nieuws | Contact
Dienstvoorstelling | Medewerkers | Raadpleging | Hospitalisatie | Ziektebeelden | Behandelingen | Nieuws | Contact | Links
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Diagnostiek | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Diagnostiek | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Diagnostiek | Behandelingen

Distale bypass

Hieronder vindt U een globaal overzicht over de distale bypass bij arterieel vaatlijden aan de benen. Het gaat hier meer bepaald over de volgende bypasses:

  • Femoro-tibialis anterior bypass (F-ATA).
  • Femoro-tibialis posterior bypass (F-ATP).
  • Femoro-fibulaire bypass (F-Fib).
  • Popliteo-tibialis anterior bypass (P-ATA).
  • Popliteopedale bypass (P-Ped) ± vrije flap.
  • Popliteo-tibialis posterior bypass (P-ATP).
  • Popliteo-fibulaire bypass (P-Fib).

Het is goed om U te realiseren dat de situatie voor U persoonlijk anders kan zijn dan hier beschreven.

Definitie

Bij een distale bypassoperatie wordt een overbrugging (bypass) aangelegd voor een afgesloten of ernstig vernauwde slagader van het onderbeen. Omdat dit een delicate ingreep is, wordt dit enkel gedaan als een dilatatie of medicamenteuze therapie niet mogelijk is.

Bij F-ATA, F-ATP en F-Fib zal de bovenste aansluiting van de bypass ter hoogte van de lies op de liesslagader worden gemaakt, Bij P-ATA, P-ATP, P-Fib en P-Ped is dit de knieslagader net onder de knie. Voor de onderste aansluiting wordt aan de hand van een tevoren uitgevoerde NMR-angio of klassieke arteriografie een plaats gezocht in het bloedvat onder de afsluiting. Dit is een van de drie onderbeensvaten: de arteria tibialis anterior of posterior en de arteria fibularis. Soms is het noodzakelijk om de onderste aansluiting aan te leggen op de voetrug: de arteria dorsalis pedis (P-Ped). Of de bypass op de lange termijn doorgankelijk blijft hangt af van de lengte (hoe korter, hoe beter), de diameter en de kwaliteit van de bypass. Ook van de kwaliteit van de bloedvaten voorbij de onderste aansluiting is hiervoor van groot belang.

Er zijn verschillende soorten bypasses: een bypass, waarvoor een eigen ader van de patiënt wordt gebruikt of een bypass van kunststof (meestal PTFE).
Bij voorkeur wordt bij deze bypasses een lichaamseigen ader gebruikt, mits deze van goede kwaliteit is. De ader die gebruikt wordt voor de overbrugging ligt ook in het bovenbeen en dient voor het terugvoeren van bloed uit het been naar het hart. Deze ader kunt u missen, aangezien dieper in het been de hoofdaders liggen, die verreweg het belangrijkst zijn voor het terugvoeren van bloed. Deze ader wordt bijvoorbeeld ook bij een operatie wegens spataders verwijderd. Heeft u in het verleden een spataderoperatie of CABG (overbruggingen aan het hart) ondergaan, of als deze ader te dun of verstopt is door een vroegere aderontsteking, dan kan het zijn dat u geen bruikbare ader meer heeft voor een overbruggingsoperatie. Dit kan een reden zijn om een kunststof bypass te gebruiken.

Voor de operatie

Als beslist is tot het plaatsen van een distale bypass worden enkele zaken nagekeken om een beeld te hebben van uw algemene conditie. Op zijn minst gebeurt er een bloedafname, een cardiogram en een RX-opname van de longen. Afhankelijk van uw algemene toestand wordt soms bijkomend advies gevraagd van een hart- en/of longspecialist. Dit kan zowel via de consulatie als tijdens de ziekenhuisopname geregeld worden.
Normaliter wordt U daags voor de ingreep opgenomen. Als de preoperatieve onderzoeken nog niet gebeurd zijn, worden ze nu verricht. De anesthesist komt ook nog even bij u langs.

De operatie

De ingreep gebeurt bijna altijd onder volledige verdoving. Een enkele keer kan het veiliger zijn om te verdoven met een ruggeprik. De chirurg zoekt eerst het gezonde bloedvat op boven en onder de vernauwing. Hiervoor worden twee insneden gemaakt. Vaak moeten nog een of twee bijkomende sneetjes gemaakt worden om de bypass onder de spieren door te geleiden tussen de twee aansluitingen. Bij een overbrugging met een eigen ader zijn nog verschillende bijkomende sneetjes nodig om de ader uit het been te halen. Soms kan dit nu ook met een kijkoperatie gebeuren. Er wordt een bloedverdunnend middel gegeven en de bypass wordt boven en onder de vernauwing op het gezonde bloedvat ingenaaid.
Voor een popliteopedale bypass met vrije flap wordt aansluitend door de plastisch chirurgen een spierflap ingehecht op het defect van de voet.

Na de operatie

Na de operatie worden een aantal zaken frequent gecontroleerd, zowel op de ontwaakafdeling als op de verpleegafdeling.

  • Het kloppen van de slagaders op de voet,
  • lekkage van de wond ,
  • de temperatuur van de benen en armen,
  • de bloeddruk.

Na de operatie moet u zo snel mogelijk weer gaan lopen. Op de verpleegafdeling kan dit met de hulp van een kinesist. Na een vijf- tot zevental dagen kan u meestal terug naar huis en kan u zichzelf behelpen in huis.

Complicaties

Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn ook bij deze operaties de normale risico's op complicaties van een operatie aanwezig, zoals wondinfectie, bloeding, trombose en longembolie, longontsteking, blaasontsteking of hartinfarct. Verder kunt u verwachten dat in het gebied van het operatielitteken na de genezing het normale gevoel zal zijn verdwenen.
Bij operaties aan een slagader zijn er ook specifieke complicaties mogelijk: een nabloeding of een afsluiting van de vaatprothese of de gebruikte ader (thrombose).

Weer thuis

Na de operatie zult U medicijnen moeten blijven gebruiken om het bloed dunner te houden. Het is heel belangrijk om thuis elke dag 30 tot 60 minuten te wandelen. Het herstel kan langer duren dan u denkt. Suikerziekte, een te hoge bloeddruk of een te hoog cholesterolgehalte moeten indien aanwezig, goed onder controle zijn. Een gezonde levenswijze is heel belangrijk, dus: absoluut niet roken, veel lichaamsbeweging, geen overgewicht en een goed gereguleerde bloeddruk, bloedsuiker- en cholesterolgehalte.

Zeker in het begin is regelmatige controle bij de vaatchirurg aangewezen. Ook op lange termijn blijft controle belangrijk, om eventuele nieuwe vernauwingen tijdig op te sporen.

 

Disclaimer | Site Map | Contacteer de webmaster | © 2005 G.C.H.H.R.