H.-Hartziekenhuis Roeselare - Algemene Heelkunde

Home | Nieuws | Contact
Dienstvoorstelling | Medewerkers | Raadpleging | Hospitalisatie | Ziektebeelden | Behandelingen | Nieuws | Contact | Links
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Diagnostiek | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Diagnostiek | Behandelingen
Voorstelling | Chirurgen | Raadplegingen | Ziektebeelden | Diagnostiek | Behandelingen

Gastric Bypass

De in dit document beschreven gevolgen en complicaties van de ingreep omvatten de meest voorkomende, maar de opsomming is zeker niet volledig.

Aard van de ingreep

De Gastric Bypass ingreep (uitsluiten van de maag, twaalfvingerige darm en deel dunne darm van de spijsvertering) werkt hoofdzakelijk doordat de hoeveelheid voedsel die je tijdens een maaltijd kan eten sterk wordt beperkt, zonder hongergevoel en met een langdurig volheidsgevoel. Tevens wordt de opname van vetten licht beperkt doch dit is eerder minimaal. Het eten van hoogcalorische voedingsbestanddelen, voornamelijk suikers, zal tevens een onbehaaglijk gevoel geven en dit zal bijdragen tot meer evenwichtige eetgewoonten na de operatie.

Voorbereiding tot de ingreep

Pre-operatief onderzoek

Als na grondige overweging besloten wordt tot het uitvoeren van een “gastric bypass” operatie worden gewoonlijk een aantal preoperatieve onderzoeken uitgevoerd.
Deze onderzoeken zijn afhankelijk van patiënt tot patiënt en kunnen onder andere enkele van de onderstaande onderzoeken omvatten :

  1. Echografie van de buik
  2. Elektrocardiogram met of zonder hartspecialistisch onderzoek
  3. Longfoto met of zonder longspecialistisch onderzoek
  4. Gastroscopie
  5. Foto van de slokdarm-maag
  6. Evaluatie en informatie door een diëtiste
  7. Psychologisch onderzoek (zo nodig).
  8. Nazicht door een endocrinoloog of hormoonspecialist.
  9. Pre-operatieve evaluatie door de huisarts (Patiëntenmap dienst anesthesiologie)

Medicatiegebruik

Indien je regelmatig medicatie neemt, dien je dit aan de chirurg te melden. Zeker indien het gaat om bloedverdunnende medicatie ( anticoagulantia (vb Marcoumar®) , Aspirine® , Asaflow® , Plavix® , anti-inflammatoire middelen), omdat deze geneesmiddelen soms een tijdje voor de ingreep moeten gestopt worden.

Opname

De opname wordt normaal pre-operatief geregeld via de opnamedienst (tel 051/237045) van het ziekenhuis in samenspraak met de chirurg.
De dag van de ingreep blijf je nuchter vanaf middernacht (niet eten en niet drinken). Sommige medicatie mag je ’s morgens nog innemen met een klein beetje water. Je chirurg zal je hierover inlichten.
De ingreep heeft plaats onder algemene anesthesie (volledige verdoving) en duurt gemiddeld anderhalf tot twee uur.

De ingreep

Met de Gastric bypass operatie wordt een klein maagreservoir en een nieuwe kleine maaguitgang gecreëerd. Het volume van de maag wordt herleid tot de grootte van een borrelglaasje met een volume van 15 tot 25 ml. De nieuwe kleine uitgang betekent dat de maag trager ledigt. De diameter van de nieuwe uitgang is ongeveer 12 mm. Door deze twee aanpassingen zal een kleine hoeveelheid voedsel snel een verzadigings- of volheidsgevoel geven en bovendien gedurende een langere periode.
Dit helpt je minder te eten en aldus te vermageren. Het voedsel komt via de kleine maaguitgang dadelijk in de dunne darm terecht en passeert de rest van de maag en de twaalfvingerige darm niet.
Met behulp van nietjes wordt in het bovenste deel van de maag een nieuw klein maagreservoir gecreëerd. Dit nieuwe reservoir heeft geen doorgang meer met de rest van de maag. De dunne darm wordt opgehaald en verbonden met de nieuwe maag. Via een smalle doorgang gaat het voedsel van de nieuwe maag dadelijk naar de dunne darm. De oude maag en de twaalfvingerige darm worden aldus overbrugd of “gebypassed”.
Het einde van de twaalfvingerige darm wordt opnieuw verbonden met de dunne darm, minstens 60 cm verder dan de verbinding van de nieuwe maag. Deze nieuwe verbinding van de twaalfvingerige darm met de dunne darm zorgt ervoor dat het maagsap, gal en pancreassap met het voedsel kan worden vermengd. Dit is noodzakelijk voor een normale vertering.
Na de ingreep kan het overbrugde gedeelte van de maag en de twaalfvingerige darm niet meer gastroscopisch worden onderzocht. Vaak wordt om deze reden ook de galblaas verwijderd.

De complicaties

Tijdens de ingreep of de periode onmiddellijk na de ingreep

De Gastric Bypass operatie is een vrij grote operatie en door je gewicht heb je een grotere kans op complicaties in vergelijking met iemand zonder overgewicht. Sommige complicaties kunnen zich voordoen tijdens de operatie of in de periode onmiddellijk na de operatie tijdens de ziekenhuisopname.

De volgende complicaties kunnen zich bij wijze van voorbeeld voordoen :

  • een bloedingeen verwonding van een buikorgaan
  • een verwikkeling van de longen (longontsteking)
  • een hartaanval
  • een naadlekkage
  • een gallekkage
  • een obstructie of passagehinder ter hoogte van het maagdarmstelsel
  • een ontsteking van de urinewegen
  • een wondinfectie
  • trombose (bloedklonters) in de aders van de benen met mogelijk longembolie als gevolg
  • een wondinfectie
  • .....

Deze lijst is niet volledig. Er is een zeer klein doch niet onbestaand risico op overlijden ten gevolge van complicaties. Uiteraard worden speciale maatregelen genomen om het risico op deze complicaties zo klein mogelijk te houden. Complicaties die de normale hospitaalduur verlengen zijn zeldzaam.

Complicaties in een later stadium na de ingreep

Behalve de bovenvermelde complicaties kunnen zich later ook andere complicaties voordoen. We vermelden opnieuw de meest voorkomende; ook deze lijst is niet volledig.

  • Vertraagde wondheling
    Door de aanwezigheid van veel onderhuids vet zijn de onderranden soms slecht doorbloed. Dit is soms verantwoordelijk voor een vertraagde wondheling. Dit betekent dat de huid over een gedeelte van de wondjes opnieuw open komt te staan na het verwijderen van de hechtingen. Als dit zich voordoet, wordt gewoonlijk wat vocht uitgescheiden via de opening.Als dit vocht geïnfecteerd is spreken we van een wondinfectie. Soms beslist de chirurg zelf de huid wat te openen om een vochtcollectie te draineren. De opening in de huid groeit steeds vanzelf weer dicht.
  • Littekenbeuk
    Op de plaats van de littekens kan soms een breuk ontstaan. Door de incisies wordt namelijk een zwakke plaats in de spierwand van de buik veroorzaakt. Een breukje kan hersteld worden.
  • Obstructie
    Ten gevolge van vergroeiingen in de buik die zich bij om het even welke ingreep in de buik voordoen kan de normale darmdoorgang soms belemmerd worden. Soms is een ingreep nodig om deze vergroeiingen los te maken.
  • Galstenen
    Na de operatie bestaat een verhoogde kans op het ontwikkelen van galstenen. Dit en het feit dat het galkanaal niet meer endoscopisch bereikbaar is, is soms een reden voor de chirurg om tijdens de ingreep ook de galblaas mee weg te nemen.
  • IJzer- , foliumzuur-, vitamine- en mineralentekorten
    Deze tekorten kunnen zich voordoen, voornamelijk tijdens de periode van het vermageren, maar ook levenslang. Men moet dus bereid zijn om levenslang onder geneeskundig toezicht te blijven.
    Op aanwijzing van je chirurg en huisarts neem je best van bij het begin ijzer, foliumzuur, vitamines en mineralensupplementen. Op regelmatige tijdstippen wordt een bloedonderzoek verricht om eventuele tekorten op te sporen. Bij vit B12-tekort dient dit soms met injecties te worden gecorrigeerd.
  • Haarverlies
    Haarverlies treedt vaak op bij snel vermageren. Ongeveer de helft van alle patiënten ondervindt dit in meer of mindere mate het eerste jaar na de ingreep. Het haarverlies is echter tijdelijk en nooit volledig. Bovendien is het begin van het haarverlies vaak een teken van herstel.
  • Vernauwing aan de uitgang van de maag
    Zelden kan de nieuwe maaguitgang vernauwen en aanleiding geven tot overmatig braken. Oprekken van de vernauwing via gastroscopie of onder radiografische controle kan dit verhelpen. Zelden is een nieuwe operatie noodzakelijk.
  • Maagzweer
    Een zweertje in de buurt van de nieuwe maaguitgang kan zelden optreden. Dit kan meestal worden behandeld met medicatie die de zuurproductie in de maag afremt.
  • Gewichtstoename na de ingreep
    Hiervoor kunnen een aantal redenen zijn :
    • Uitzetten van de nieuwe maag
      Als de nieuwe maag stelselmatig wordt overvuld zal ze geleidelijk uitzetten en zal de hoeveelheid voedsel die je kan eten tijdens een maaltijd toenemen. Dit kan ook het gevolg zijn van een te nauwe uitgang van de nieuwe maag.
    • Uitzetting van de maaguitgang
      Dit kan tot gewichtstoename leiden doordat de maag sneller kan ledigen en het verzadigingsgevoel minder lang bestaat waardoor je dus meer gaat eten.
    • Lossen van de nietjesrij
      Dit is vooral een probleem bij de open chirurgie. Hier maakt men gebruik van een nietjestoestel om de kleine voormaag te creëren. De nietjesrij kan over een bepaalde afstand lossen zodat er een verbinding ontstaat met de rest van de maag. Je kan aldus meer eten omdat de nieuwe maag sneller ledigt. Dit probleem stelt zich zelden of nooit bij onze laparoscopische procedure omdat hier de twee maagdelen letterlijk van elkaar gescheiden worden.

Het postoperatieve dieet

De pre-operatieve informatiesessie bij onze diëtisten is hiervoor essentieel. Ook na de ingreep is het best om bij problemen hen te contacteren (051/237700 of 051/237711). Het uiteindelijke doel van de ingreep bestaat erin dat je tijdens één maaltijd ongeveer de portie van een voorgerecht zal kunnen eten (en dit zonder over te blijven met een hongergevoel!).

In de eerste weken na de ingreep is het verstandig zachtere voeding te eten tot de postoperatieve zwelling afneemt.
Traag eten, goed kauwen en stoppen bij voldoening is de boodschap. Niet goed gekauwde brokken vlees of brood kunnen een plotse stop veroorzaken en zijn daarom beter in de eerste weken te vermijden. Je mag ongelimiteerd drinken maar wacht tot 20 minuten na de maaltijd en drink nooit grote hoeveelheden in één keer maar wel regelmatig. Om een goed gewichtsverlies te bereiken eet je best een uitgebalanceerde voeding zonder te veel vetten of suikers.

Slotbemerkingen

Om goede resultaten te bekomen en het complicatierisico zo laag mogelijk te houden is een goede opvolging noodzakelijk en uiterst belangrijk. Zich laten operen betekent dan ook zich engageren voor nazicht. Dit gebeurt zowel door de huisarts als door de chirurg. Aarzel dan ook niet om buiten de geplande bezoeken één van beiden te contacteren wanneer je denkt dat er iets mis is of een probleem is opgetreden.

Enkele punten dienen nog te worden benadrukt :

  1. Lichaamsbeweging
    De eerste weken na het ontslag kan je je nog moe voelen. Je zal geleidelijk de dagelijkse activiteiten hernemen. Bij een open procedure wordt autorijden best vermeden de eerste twee weken na de ingreep.
    Heffen (>10 kg) wordt best vermeden de eerste 2 weken na de ingreep en bij een open procedure de eerste 4 weken.
    Nadien is het van groot belang een gezonde lichaamsbeweging te hebben om het resultaat van de ingreep te optimaliseren en spierafbraak tijdens de vermageringsfase te vermijden.
  2. Zwangerschap
    De ingreep staat een eventuele latere zwangerschap niet in de weg. Soms worden vrouwen zelfs meer vruchtbaar bij het vermageren. Zwangerschap moet worden vermeden tijdens de vermageringsfase (eerste 12 tot 18 maanden na de ingreep).
    Bij eventuele zwangerschap is regelmatige inname van ijzer, foliumzuur, vitamines en mineralensupplementen van nog groter belang.
  3. Alcohol
    Na de ingreep wordt alcohol sneller en beter opgenomen in de bloedbaan. Je dient er rekening mee te houden dat indien je een voertuig bestuurt het wettelijke maximum gehalte sneller wordt bereikt.
Disclaimer | Site Map | Contacteer de webmaster | © 2005 G.C.H.H.R.